Overzicht inkomsten uit heffingen 2019
|
|
Rekening 2018
|
Begroot na wijziging 2019
|
Rekening 2019
|
Procentuele afwijking Rek.-Begr.
|
Onroerende zaakbelasting (OZB)
|
10.413
|
10.845
|
11.004
|
1,5%
|
Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht
|
2.738
|
2.781
|
2.835
|
1,9%
|
Rioolheffing
|
3.590
|
3.587
|
3.664
|
2,2%
|
Toeristenbelasting
|
2.373
|
2.604
|
2.603
|
0,0%
|
Baten reclamebelasting
|
90
|
87
|
95
|
9,5%
|
Baten precariobelasting
|
20
|
17
|
21
|
24,5%
|
Baten begraafplaatsrechten
|
17
|
18
|
16
|
-6,0%
|
Baten baatbelasting
|
3
|
3
|
2
|
-18,8%
|
Baten marktgelden
|
18
|
20
|
21
|
3,0%
|
Overige heffingen
|
2.448
|
1.926
|
2.092
|
8,6%
|
Totaal inkomsten uit heffingen
|
21.710
|
21.888
|
22.354
|
2,1%
|
|
|
|
|
|
Totaal inkomsten begroting/rekening
|
100.023
|
99.910
|
105.692
|
|
Uit het bovenstaande overzicht blijkt dat in 2019 de inkomsten uit gemeentelijke heffingen ongeveer
€ 465.000 hoger zijn dan begroot. De hogere opbrengst is met name het saldo van hogere opbrengsten uit de OZB ad. € 159.000 en de leges ad. € 166.000. Daarnaast zijn de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en de rioolheffing hoger dan begroot.
De hogere baten in de OZB, de afvalstoffenheffing en rioolheffing (incl. rioolaansluitrecht) zijn het gevolg van een positieve areaaluitbreiding en in mindere mate de te laag gebleken aannames in de ontwikkeling van de wozwaarde bij woningen. De hogere legesopbrengsten betreffen met name de meeropbrengsten uit de leges van reisdocumenten (€ 70.000), de leges omgevingsvergunningen (€ 55.000) en de “leges overige documenten”. Tegenover de meeropbrengsten uit de leges van de reisdocumenten staat een hogere afdracht van rijksleges.
Beleid gemeentelijke heffingen
De gemeentelijke heffingen vormen een integraal onderdeel van het gemeentelijke beleid. In het coalitieakkoord 2018 - 2022 is bepaald dat m.b.t. de heffingen wordt nagestreefd dat de lastendruk (OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing) voor burgers en bedrijven gemiddeld gelijk blijft en dat alleen voor inflatie kan worden gecorrigeerd.
Voor 2019 is voor de toeristenbelasting, het rioolaansluitrecht, precariobelasting, marktgelden, reclamebelasting, lijkbezorgingsrechten en leges, een inflatiecorrectie van 2,4% t.o.v. 2018 gehanteerd.
De paragraaf wordt opgebouwd op de wijze die is ingeslagen bij de begroting 2020. In het vervolg van de paragraaf Lokale heffingen wordt toegelicht in hoeverre de hierboven genoemde doelen in 2019 zijn gerealiseerd.
Hervorming lokaal belastinggebied
De ontwikkelingen inzake de hervorming van het lokale belastinggebied worden gevolgd. In 2019 zijn hierin geen noemenswaardige ontwikkelingen. In 2020 zijn wel ontwikkelingen te verwachten.
In een brief aan de Tweede Kamer deelt staatssecretaris Snel mee dat begin 2020 de bouwstenen voor een beter belastingstelsel klaar zullen liggen. Het gaat om een 'technisch ambtelijke verkenning van een breed palet'.
'Naast schuiven tussen grondslagen en tarieven op rijksniveau behoort een verschuiving naar een ruimer gemeentelijk belastinggebied tot de mogelijkheden. In samenwerking met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties worden eerder uitgewerkte plannen voor een herziening van het gemeentelijke belastinggebied opnieuw doordacht', aldus de brief.
Doelstelling
Maximaal 100% kostendekkendheid voor heffingen die hoogstens 100% kostendekkend mogen zijn.
Maatregelen
- Jaarlijks brengen we de totaal begrote en werkelijke kosten en opbrengsten van de heffingen die maximaal kostendekkend mogen zijn in beeld.
Kostendekkendheid
Vanaf de begroting 2017 is iedere gemeente verplicht in de paragraaf lokale heffingen de kostendekkendheid van de tarieven die op basis van de Gemeentewet maximaal kostendekkend mogen zijn, inzichtelijk te maken.
Per heffing wordt in deze paragraaf dan ook op hoofdlijnen inzicht gegeven hoe bij de berekening van de tarieven van heffingen de werkelijke baten de werkelijke lasten niet overschrijden. Voor Horst aan de Maas gaat het hierbij om:
- de afvalstoffenheffing,
- reinigingsrechten,
- rioolheffing,
- rioolaansluitrecht,
- marktgelden,
- lijkbezorgingsrechten en
- de leges.
Per heffing worden de directe kosten, overhead, BTW en opbrengsten weergegeven. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:
- Directe kosten zijn de kosten die direct aan een heffing kunnen worden toegerekend en ook als zodanig in de financiële administratie staan (Bijvoorbeeld directe personeelslasten, rijksleges, geleverde diensten t.b.v. de heffing, kapitaallasten).
- De overhead is op basis van de hierboven vermelde directe personeelslasten aan de heffing toegerekend
- De inkoop-BTW is als last meegenomen.
- De opbrengsten zijn gebaseerd op de tarieven 2018 zoals die in de paragraaf genoemd worden.
Voor de toerekening van de overhead heeft iedere gemeente een eigen beleidsvrijheid. De kostentoerekening van de overhead heeft net als bij de begroting 2019 plaatsgevonden op basis van de personeelslasten. Deze methode sluit het meest aan op de kostentoerekeningen zoals we die in het verleden hebben gehanteerd.
In deze paragraaf wordt de kostendekkendheid per heffing op basis van deze toerekening van de overhead inzichtelijk gemaakt. De systematiek van toerekenen van de overhead via de personeelslasten betekent dat een relatief groter bedrag toegerekend wordt aan arbeidsintensieve taken. De rechtvaardiging hiervoor is dat de ondersteuning en de aansturing voornamelijk zijn gericht op de mensen die de taken uitvoeren.
Onroerende Zaak Belastingen (OZB)
De OZB wordt geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken.
OZB |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Tarief Ozb-eigenaar woningen |
0,1610% |
0,152% |
-5,6% |
Tarief Ozb-eigenaar niet-woningen |
0,2175% |
0,2404% |
10,5% |
Tarief Ozb gebruiker niet- woningen |
0,1738% |
0,1921% |
10,5% |
|
|
|
|
gemiddelde aanslag woning (woz-waarde 2019 € 240.000,-) |
€ 370,47 |
€ 364,80 |
-1,5% |
gemiddelde aanslag niet-woning / eigenaar en gebruiker (woz-waarde 2019 € 40.000,-) |
€1.539,49 |
€ 1.730,00 |
12,4% |
De tarieven voor de OZB, de riool- en de afvalstoffenheffing zijn in 2019 in onderlinge samenhang bezien, waarbij t.o.v. 2018 voor de gemiddelde totale lastendruk voor de inwoners en bedrijven is uitgegaan van de nullijn (exclusief inflatiecorrectie van 2,4%).
Reinigingsheffingen (afvalstoffenheffing)
De reinigingsheffingen bestaan uit de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten. Uitgangspunt is dat de reinigingsheffingen kostendekkend zijn. De afvalstoffenheffing wordt geheven van huishoudens om de kosten te dekken voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Dit zijn niet alleen de kosten voor de wekelijkse afvalinzameling, maar ook kosten voor de inzameling van glas, oud papier, klein chemisch afval en dergelijke.
Reinigingsrechten worden geheven van bedrijven die gebruik maken van de gemeentelijke afval-inzameldienst. De tarieven voor de afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishoudens) en de reinigingsrechten zijn gelijk.
De gemiddelde lasten zijn in 2019 t.o.v. 2018 verhoogd met 2,4%.
Reinigingsheffingen |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Basisheffing per jaar meerpersoonshuishouden |
€ 152,25 |
€ 155,90 |
2,4% |
Basisheffing per jaar éénpersoonshuishouden
|
€ 112,37 |
€ 115,07 |
2,4% |
Restafvalzak |
€ 1,20 |
€ 1,20 |
0% |
|
|
|
|
gemiddelde lasten (1) |
€ 156,36 |
€ 160,11 |
2,4% |
gemiddelde lasten meerpersoonshuishouden (1) |
€ 167,80 |
€ 171,83 |
2,4% |
gemiddelde lasten éénpersoonshuishouden (1) |
€ 120,00 |
€122,88 |
2,4% |
(1) inclusief kosten voor Big Bags |
|
|
|

Rioolheffing
De (verbrede) rioolheffing heeft het karakter van een bestemmingsheffing. Hiermee worden kosten verhaald van collectieve maatregelen, die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering. Ook de kosten voor de maatregelen die nodig zijn ten aanzien van hemelwater en grondwater worden hiermee verhaald.
Het gemeentelijke rioleringsplan (VGRP) is op 8 november 2016 vastgesteld door de gemeenteraad en heeft een looptijd van 2017-2021. Het kostendekkende tarief is conform de VGRP voor 2019 bepaald op € 192. De tarieven zijn een vast bedrag per eigendom. Uitgangspunt is dat de rioolheffing kostendekkend is.
In het onderstaande overzicht staat de ontwikkeling van de rioolheffing aangegeven.
Rioolheffing |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Vast tarief per eigendom |
€ 192 |
€ 192 |
0% |

Rioolaansluitrecht
Het rioolaansluitrecht is een éénmalige vergoeding van de eigenaar van een pand dat op de riolering wordt aangesloten.
Rioolaansluitrecht |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Druk riolering buitengebied |
€ 4.313 |
€ 4.417 |
2,4% |
Vrijverval-riolering |
€ 233 + € 165 per m2 perceelaansluitleiding |
€ 231 + € 169 per m2 perceelaansluitleiding |
2,3% |

Toeristenbelasting
Toeristenbelasting wordt geheven van degene die tegen een vergoeding gelegenheid geeft tot overnachten. De belasting wordt geheven voor alle overnachtingen van personen die niet in de gemeentelijke basisregistratie staan ingeschreven. Dit kunnen zowel toeristen als arbeidsmigranten zijn.
De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel, wat betekent dat de gemeente vrij is in de besteding van de inkomsten.
De tarieven van de toeristenbelasting zijn bepaald op de onderstaande tarieven:
Toeristenbelasting |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Laag tarief per persoon per overnachting (1) |
€ 0,84 |
€ 0,86 |
2,4% |
Forfait per vaste plaats per jaar |
€ 131,04 |
€ 134,16 |
2,4% |
Forfait per seizoensplaats / arrangement per week |
€ 3,36 |
€ 3,44 |
2,4% |
|
|
|
|
Hoog tarief per persoon per overnachting (2) |
€ 1,40 |
€1,43 |
2,1% |
(1) mobiele kampeeronderkomens stacaravans, groepsaccommodaties (2) Hotel pensions, vakantiewoningen
|
|
|
|
Regionaal gezien is de toeristenbelasting in 2019 gemiddeld € 1,25 (hoog tarief € 1,36, laag tarief € 1,13) per overnachting. Het hoge tarief in Horst aan de Maas ligt in 2019 5% boven het regionale gemiddelde en het lage tarief ca. 24% onder het regionale gemiddelde. Gemiddeld gezien is het tarief toeristenbelasting in Horst aan de Maas 8% lager dan het regionale gemiddelde.
Baatbelasting
Baatbelasting wordt geheven ter dekking van door de gemeente aangelegde voorzieningen in de openbare ruimte. De particuliere eigendommen die gebaat zijn, worden in de heffing van de baatbelasting meegenomen. Er is in 2019 nog één baatbelasting geheven, te weten de baatbelasting voor de riolering aan de Kreuzelweg. Deze loopt nog tot 2023. Bij het vaststellen van de verordening Baatbelasting Kreuzelweg heeft de gemeenteraad bepaald dat deze niet jaarlijks met een inflatiecorrectie geïndexeerd wordt.
Precariobelasting
Precariobelasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond.
Precariobelasting terrassen |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Terrassen binnen de bebouwde kom van Horst of Sevenum per m2 per jaar |
€ 9,37 |
€ 9,59 |
2,3% |
Overige terrassen per m2 per jaar |
€ 6,23 |
€ 6,38 |
2,4% |
Marktgelden
Marktgelden worden geheven voor het innemen van een standplaats tijdens de weekmarkt. In Meerlo, Swolgen en Tienray zijn geen marktdagen en is de heffing van marktgelden niet aan de orde. De promotiegelden die door de marktlieden in het centrum van Horst worden betaald, zijn vanaf 2011 in de heffing van de marktgelden meegenomen.
De promotiegelden worden doorbetaald aan de stichting Centrummanagement Horst aan de Maas die hier vervolgens collectieve activiteiten t.b.v. het promoten van het centrum van Horst mee bekostigt.
Marktgelden |
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Voor het innemen van een standplaats per dag |
€ 10,99 |
€ 1,25 |
2,4% |
Voor het innemen van een vaste standplaats per kwartaal |
|
|
|
- per strekkende meter |
€ 17,78 |
€ 18,21 |
2,4% |
- vast bedrag (promotiegelden alleen in Horst) |
€ 22,01 |
€ 22,54 |
2,4% |

Reclamebelasting
Reclamebelasting wordt geheven voor openbare aankondigingen (reclameobjecten) in het centrum van Horst, die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Deze heffing is in 2008 op verzoek van de ondernemers van het centrum van Horst ingevoerd. De opbrengst van de reclamebelasting wordt, onder inhouding van € 5.000, doorbetaald aan de Stichting centrummanagement Horst aan de Maas, die hier vervolgens collectieve activiteiten t.b.v. het promoten van het centrum van Horst mee bekostigt.
De hoogte van het tarief is sinds 2015 afhankelijk van de ligging en de WOZ-waarde van de vestiging en niet meer van de grootte van de reclameborden zoals dat in 2014 en voorgaande jaren gold.
Reclamebelasting centrum Horst |
|
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Zone A (woz-waarde kleiner dan of gelijk aan € 150.000) |
€ 516 |
€ 528 |
2,3% |
Zone A (woz-waarde range € 151.000 t/m 291.000) |
€ 516 + € 3,09 per € 1.000 woz-waarde 2017 boven de € 150.000 |
€ 528 + € 3,16 per € 1.000 woz-waarde 2018 boven de € 150.000 |
|
Zone A (woz-waarde groter dan of gelijk aan € 292.000) |
€ 954 |
€ 976 |
2,3% |
Zone B |
€ 516 |
€ 528 |
2,3% |
* Voor de Reclamebelasting 2019 wordt de woz-waarde 2018 (waardepeildatum 1-1-2017) gehanteerd * Voor de Reclamebelasting 2018 wordt de woz-waarde 2017 (waardepeildatum 1-1-2016) gehanteerd * Bij woon-/bedrijfspanden wordt alleen de woz-waarde over het bedrijfsgedeelte meegenomen
|
Lijkbezorgingsrechten
Lijkbezorgingsrechten zijn vergoedingen voor diverse diensten die de gemeente verricht in het kader van de lijkbezorging. De hoogte van de lijkbezorgingsrechten wordt in overleg met het kerkbestuur vastgesteld.
Leges
Met het heffen van leges dekt de gemeente de kosten die de gemeente maakt voor het leveren van bepaalde diensten. De tarieven zijn gebaseerd op maximale kostendekkendheid.
De kostendekkendheid van de leges 2020 wordt hieronder per titel van de legesverordening inzichtelijk gemaakt:
- Titel 1: Algemene dienstverlening zoals o.a. huwelijksvoltrekkingen/partnerschapsregistratie, inlichtingen uit de basisregistratie personen (BRP), reisdocumenten en rijbewijzen;
- Titel 2: Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningen;
- Titel 3: Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn. Onder de laatstgenoemde titel vallen o.a. aanvragen in het kader van de drank- en horecawet en kinderopvang.
Conform de Kadernota 2017 hebben we een verkennend onderzoek gedaan naar de mogelijkheden in de mate van kostendekkendheid van de leges en tarieven van de leges in titel 2 en 3 van de tarieventabel. Hierbij is als uitgangspunt genomen het ophogen van deze tarieven naar 80% kostendekking.
Conform het “Raadsbesluit tot invulling van de begrotingsruimte en investeringsvolume 2019 – 2022 met een doorkijk t/m 2026” zijn extra legesopbrengsten van titel 2 in de begroting opgenomen in verband met een verhoging van de kostendekkendheid van 65% naar 80%. Als aanvulling hierop is tevens een verhoging van de kostendekkendheid van 80% naar 85% in de begroting van 2020 opgenomen. Verwacht wordt dat dit in 2020 gerealiseerd kan worden. Ten aanzien van titel 3 zullen de resultaten naar verwachting in de loop van het jaar bekend worden.



Kwijtschelding
Voor de gecombineerde aanslag gemeentelijke heffingen kan een verzoek tot kwijtschelding worden ingediend. Of iemand voor kwijtschelding in aanmerking komt, hangt af van een aantal factoren. Aan de hand van de financiële situatie beoordeelt de gemeente of iemand voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding in aanmerking komt. Als basis gebruiken we hiervoor wet- en regelgeving en de door de gemeenteraad vastgestelde Leidraad Invordering Gemeentelijke belastingen 2019.
Kwijtschelding is mogelijk voor de volgende heffingen:
- OZB
- Rioolheffing
- Afvalstoffenheffing
De gemeente biedt de mogelijkheid een verkort aanvraagformulier kwijtschelding in te vullen ( inlog via DigiD). Maandelijks worden deze ontvangen kwijtscheldingsverzoeken bij het Inlichtingenbureau getoetst. Als deze toetsing een afwijzing oplevert is het nog altijd mogelijk een volledig aanvraagformulier kwijtschelding in te vullen dat door de gemeente zelf wordt beoordeeld.
Het is daardoor mogelijk dat een inwoner zowel een verkorte aanvraag als een volledig aanvraagformulier invult.
Er zijn in 2019 meer kwijtscheldingsaanvragen, een stijging van 2,1%, ontvangen dan in 2018. De drempel om een verkort verzoek in te dienen is laag.
Afwijzing op een verkorte aanvraag stimuleert om toch nog een volledige kwijtscheldingsaanvraag in te dienen. Deze volledige aanvragen resulteren meestal, gezien de stijging van het aantal afwijzingen, in een afwijzing. Daardoor wijkt ook het aantal gevallen 2019 en 2018 waarin geen kwijtschelding is verleend ten opzichte van 2017 af.
Eind 2019 waren er geen aanvragen meer in behandeling.
Het verleende kwijtscheldingsbedrag en het aantal toegekende kwijtscheldingen in 2019 is licht gedaald ten opzichte van 2018.
Belastingplichtigen met een eigen woning kunnen ook voor kwijtschelding in aanmerking komen als de woning ‘onder water staat’: het hypotheekbedrag is dan hoger dan de WOZ-waarde. Omdat de eigenwoningbezitters niet alleen een aanslag afvalstoffenheffing maar ook een aanslag OZB en een aanslag rioolheffing ontvangen, is het kwijt te schelden bedrag in deze gevallen hoger.
Ondernemers kunnen ook voor kwijtschelding in aanmerking komen als ze aan de overige voorwaarden voor kwijtschelding voldoen. In 2019 is er aan geen enkele ondernemer kwijtschelding verleend.
Kwijtschelding
|
Bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Verzoeken om kwijtschelding |
524 |
535 |
2,1% |
* Waarvan automatisch en via verkorte aanvraag |
430 |
446 |
3,7% |
Kwijtschelding ondernemers |
0 |
0 |
0,0% |
Kwijtschelding excl.ondernemers |
322 |
302 |
-6,2% |
* Kwijtschelding toekenning n.a.v. beoordeling Inlichtingenbureau |
216 |
264 |
22,2% |
Geen kwijtschelding |
199 |
233 |
17,1% |
In behandeling |
3 |
0 |
-100,0% |
|
|
|
|
Verleende kwijtschelding |
€ 41.531 |
€ 40.585 |
-2,3% |
Invordering gemeentelijke belastingen
Kengetallen invordering |
bedragen in hele euro's |
2018 |
2019 |
Stijging 2019 t.o.v. 2018 |
Aantal aanslagen (excl. verminderingen) |
20.936 |
21.186 |
1,2% |
|
|
|
|
Geïncasseerd via automatische incasso |
60,5% |
61,7% |
2,0% |
|
|
|
|
Betaling en incasso binnen de betalingstermijn |
92,8% |
92,4% |
-0,3% |
Aantal aanmaningen |
1.517 |
1.602 |
5,6% |
Aantal kennisgeving dwangbevelen |
786 |
853 |
8,5% |
Aantal dwangbevelen |
466 |
486 |
4,3% |
|
|
|
|
Percentage oninbaar Horst aan de Maas |
0,04% |
0,12% |
200,0% |
Bedrag oninbaar Horst aan de Maas |
€ 7.551 |
€ 25.641 |
239,6% |
In 2019 zijn er 10 invorderingsrondes geweest. Het aantal betekende dwangbevelen is ten opzichte van 2018 toegenomen.
Het bedrag oninbaar is ten opzichte van 2018 toegenomen. Er zijn in 2019 meer bedrijven failliet gegaan dan in 2018.